CFT: Advies over liquiditeitssteun Curaçao

College financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten
Adres kantoor Curaçao
De Rouvilleweg 39
Willemstad, Curaçao
Telefoon (+5999)4619081
Adres kantoor Sint Maarten
Frontstreet 26
Convent Building
Philipsburg, Sint Maarten
Telefoon (+1721) 5430331
Adres kantoor Aruba
L.G. Smith Boulevard 68
La Piccola Marina
Oranjestad, Aruba
Telefoon (+297) 5832800
E-mailk info@cft.cw
Internet http://www.cft.cw
Aan
De voorzitter van de Rijksministerraad
Contactpersoon Telefoonnummer
Cluster Curaçao +5999 4619081
Datum E-mail
7 april 2020 info@cft.cw
Ons kenmerk Uw kenmerk
Cft 202000041
Pagina Bijlage
1/8 –
Onderwerp
Advies over liquiditeitssteun Curaçao
Geachte heer Rutte,
In de brief van 1 april jl. informeert de minister van Binnenlandse Zaken en
Koninkrijksrelaties het College financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten (Cft) over de
besluitvorming in de Rijksministerraad (RMR) van 27 maart 20201
. Vanwege de Covid19 crisis heeft de RMR besloten dat Curaçao op grond van artikel 25 lid 1 van de
Rijkswet financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten (Rft) mag afwijken van artikel 15
lid 1 van de Rft. De mate waarin wordt afgeweken van deze en eventuele andere
normen van de Rft moet nog worden voorgelegd en vastgesteld door de RMR. Het Cft
wordt verzocht te adviseren over de liquiditeitsbehoefte van de landen voor de maand
april. In dit bericht wordt daar invulling aan gegeven.
Curaçao heeft op 1 april jl. een concept pakket sociale maatregelen gepresenteerd
inclusief gevolgen voor de begroting van Covid-19. Dit pakket is exclusief
ondersteuning van de deviezenpositie. Conform besluitvorming van de RMR is de
Nederlandsche Bank inmiddels verzocht te adviseren over de deviezen en de genoemde
risico’s. Curaçao verzoekt daarbij om ondersteuning op basis van artikel 36 van het
Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden deels in de vorm van een schenking. In dit
advies gaat het Cft, op basis van eerdere RMR-besluitvorming, uit van eventuele
liquiditeitssteun in de vorm van leningen. Het is aan de RMR om hier een besluit over te
nemen. Gezien de reeds voor de crisis (fors) oplopende schuldquote tekent het Cft
hierbij, wellicht ten overvloede, aan dat het verstrekken van verdere leningen het pad
naar duurzame en houdbare overheidsfinanciën er niet eenvoudiger op maakt.
Gevolgen Covid-19 en beleidsmaatregelen
Curaçao neemt in zijn liquiditeitsprognose als uitgangspunt het door de Centrale Bank
van Curaçao en Sint Maarten (CBCS) doorgerekende scenario van drie maanden sluiting
en geleidelijk herstel met een reële krimp van de economie van 14,9 procent.
1 Besluitvorming Rijksministerraad 27 maart 2020, 1 april 2020, BZK
Kenmerk
Cft 202000041
Blad
2/8
Op basis van dit uitgangspunt verwacht het land in de maanden april, mei en juni ANG
315 miljoen aan begrote inkomsten mis te lopen. Het scenario dat Curaçao aanhoudt
voor de daling van de ontvangsten in het tweede kwartaal schat het Cft in als
realistisch.
Het CBCS gaat uit van drie maanden sluiting van het luchtruim voor inkomende en
uitgaande commerciële vluchten met vervolgens een geleidelijk herstel van het
toerisme. De door de CBCS doorgerekende scenario’s houden echter geen rekening met
de totale lock-down die vanaf 30 maart jl. geldt. De lock-down zal tot extra vraaguitval
en verdere daling van de binnenlandse bestedingen leiden wat de krimp van de
economie nog verder zal doen toenemen. Het Cft oordeelt dat de door Curaçao
verwachte terugval van de opbrengsten reëel is.
Naast het aanvullen van de weggevallen inkomsten wil Curaçao een door de Commissie
Noodfonds geadviseerd noodpakket aan (sociale) maatregelen treffen. Het pakket kost
volgens Curaçao voor de maanden april, mei en juni circa ANG 380 miljoen. De
maatregelen in het pakket zijn:
1. Maatregel ter behoud van werkgelegenheid – werknemers: Curaçao stelt voor een
tegemoetkoming aan werkgevers van maximaal 80 procent van het salaris tot een
maximaal salarisbedrag dat gelijk is aan het SVB-maximum dagloon ANG 267 (ANG
5.781 per maand). De door de regering ter beschikking te stellen uitkering omvat
80 procent vermenigvuldigd met de verwachte omzetderving en vermenigvuldigd
met het brutosalaris. Voorwaarde is dat de werkgever verwacht tenminste 25
procent omzet te verliezen, het personeel in dienst blijft van de werkgever en ook
doorbetaald wordt. Schatting kosten voor drie maanden: ANG 126 miljoen met als
geschat effect dat de werkgelegenheid voor 16.500 werknemers in stand blijft.
2. Maatregel ter behoud van werkgelegenheid – zelfstandigen/ZZP: Curaçao stelt voor
een tijdelijke aanvulling voor zelfstandige ondernemers, een uitkering van (netto)
ANG 1.335 per maand (80 procent brutominimumloon), waarvan ANG 1.000 voor
levensonderhoud en ANG 335 dekking voor lopende bedrijfskosten. Schatting
kosten voor drie maanden: ANG 30 miljoen uitgaande van de werkloosheid van 65
procent van de 11.527 ZZP’ers (7.492 mensen). Om een vergelijking te kunnen
maken met andere landen in het Koninkrijk zijn in tabel 1 het minimumloon en de
onderstand opgenomen.
Wettelijk bedrag
onderstand per
maand
Wettelijk bruto
minimumloon per 1 jan
2020
Noodmaatregel Covid-19-
virus werknemers
(maandelijks)
Aruba AWG 582 AWG 1.815 AWG 950
Curaçao ANG 390 ANG 1.666 ANG 1.000
Sint
Maarten ANG 505 ANG 1.516 ntb
Tabel 1: Maandelijkse tegemoetkoming loon ten opzichte van onderstand en minimumloon
Kenmerk
Cft 202000041
Blad
3/8
3. Maatregel ter ondersteuning van de doorlopende kosten van een onderneming:
Curaçao stelt voor een kredietfaciliteit, waarmee de MKB-bedrijven worden
ondersteund die door omzetverlies niet aan hun doorlopende (vaste) verplichtingen
kunnen voldoen. De kredietverstrekking wordt uitgevoerd door Korpodeko, een
ontwikkelingsbank, in samenwerking met onder andere de Kamer van Koophandel
en Qredits. De faciliteit bedraagt in totaal ANG 40 miljoen, waarvan de overheid
ANG 38 miljoen wenst in te brengen.
4. Maatregel voor flexwerkers en vaste werknemers die worden ontslagen: Curaçao
stelt een baanverliezersuitkering voor flexwerkers van maximaal ANG 1.000 per
maand voor, mits zij kunnen aantonen in de afgelopen maanden in dienst te zijn
geweest en te zijn ontslagen. Op basis van de geschatte werkloosheid onder
flexwerkers, zijn de kosten van deze maatregel ANG 21 miljoen voor een periode
van drie maanden.
5. Maatregel voor de weerbaarheid van onderstandtrekkers: Curaçao wil een
weerbaarheidsuitkering voor onderstandstrekkers in de vorm van een voucher
invoeren. Bij een voucher van ANG 450 per maand, kost deze maatregel ANG 21
miljoen voor 3,5 maanden (deze regeling geldt met terugwerkende kracht vanaf 16
maart 2020).
6. Overige sociaal-maatschappelijke initiatieven: deze zijn nog niet uitgewerkt. Het
land gaat hierbij uit van een bedrag van ANG 30 miljoen voor een periode van drie
maanden.
7. Er is een post van ANG 27 miljoen opgenomen voor uitvoeringskosten en audits
voor een periode van drie maanden.
8. Er is een post van ANG 54 miljoen opgenomen voor extra bijdragen aan de SVB
wegens gemiste premies voor een periode van drie maanden.
9. Voorts is Curaçao voornemens om een aantal kleinere en fiscale faciliteiten (34
miljoen voor een periode van drie maanden) in te voeren om daarmee (kleine)
ondernemers te compenseren.
Een samenvatting (in afgeronde bedragen) van de maandelijkse benodigde liquiditeiten
voor dit steunpakket treft u aan in tabel 2.
1. Maatregel ter behoud van werkgelegenheid – werknemers 42
2. Maatregel ter behoud van werkgelegenheid – Zelfstandigen/ZZP 10
3. Maatregel ter ondersteuning van de doorlopende kosten van een
onderneming
13
4. Maatregel voor flexwerkers en vaste werknemers die worden
ontslagen
7
5. Maatregel voor de weerbaarheid van onderstandtrekkers 7
6. Overige sociaal-maatschappelijk initiatieven 10
7. Uitvoeringskosten, audit (10,0%) 9
8. Extra bijdragen SVB 18
9. Kleinere en fiscale faciliteiten 11
Totaal Steunpakket 127
Tabel 2. Maandelijkse liquiditeiten benodigd voor steunpakket volgens Curaçao
Kenmerk
Cft 202000041
Blad
4/8
Eerste beoordeling steunpakket
In zijn brief aan de RMR heeft het Cft de landen gevraagd, binnen de beperkingen van
hun begrotingen, welke dekking zij zelf zouden kunnen genereren voor voorgenomen
noodmaatregelen2
. De regering van Curaçao heeft aangegeven te kijken naar de wijze
waarop het land financieel kan bijdragen en heeft daartoe de Commissie Noodfonds
verzocht opties uit te werken. Gedacht wordt onder andere aan het herbestemmen van
middelen uit de groeistrategie, een onderzoek naar een solidariteitsheffing voor
ambtenarensalarissen en overheidsvennootschappen en het reviseren van taxholiday’s.
Met betrekking tot het herbestemmen van middelen uit de Groeistrategie wijst het Cft
nadrukkelijk op de gedachte die aan het ter beschikking stellen van die kapitaalleningen
ten grondslag ligt, te weten investeren in groei. Wat betreft de ambtenarensalarissen
wijst het Cft erop dat Curaçao nog geen (volledige) invulling heeft gegeven aan de
afspraak uit Groeiakkoord, dat per 1 januari jl. een nullijn voor ambtenaren, stichtingen
en trendvolgers wordt ingevoerd. Tot slot wijst het Cft erop dat het land voornemens is
om het compliance project stop te zetten, terwijl naar zijn oordeel inspanningen op dat
terrein onverminderd belangrijk blijven.
Met betrekking tot de afzonderlijke maatregelen in het steunpakket constateert het Cft
in een eerste assessment het volgende:
– Het Cft onderkent het belang van behoud van werkgelegenheid zowel van
werknemers en als van zelfstandigen. Het Cft wijst erop dat de regeling van
Curaçao voor baanbehoud van werknemers duur is met ANG 126 miljoen (bijna 3
procent van het bbp). Curaçao gaat uit van een tegemoetkoming aan de werkgever
van maximaal 80 procent van het maximum dagloon ZV/OV en stelt als voorwaarde
dat werknemers in dienst blijven en doorbetaald worden. Dit betekent dat van
werknemers met een salaris tot het maximum dagloon ZV/OV geen bijdrage
gevraagd wordt. Gezien de ernst van de Covid-19 crisis en de staat van de
overheidsfinanciën geeft het Cft in overweging om een bijdrage van alle
werknemers te vragen, bijvoorbeeld door uit te gaan van arbeidstijdverkorting tot
60 procent van het salaris met handhaving van een minimum (80 procent
minimumloon) en maximum (maximum dagloon ZV/OV). Ook adviseert het Cft om
afspraken te maken met werkgevers en werknemers over opname van
vakantiedagen nu veel werknemers noodgedwongen niet kunnen werken. Het uitstel
van betaling voor werkgevers van de loonbelasting en de werkgeversbijdrage
premie aov/aww in combinatie met een 80 procent vergoeding van naar beneden
gestelde salarissen zal zorgen voor een sterke daling van de vaste lasten/uitgaven
voor werkgevers.
– Opvolging van de hiervoor genoemde adviezen voor de regeling voor baanbehoud
van werknemers zal leiden tot een afname van de daarvoor benodigde middelen.
Het Cft adviseert om deze versobering aan te wenden om voor maatregelen ter
behoud van de werkgelegenheid van zelfstandigen en ZZP-ers.
– Bij de kredietfaciliteit gaat Curaçao ervan uit dat de overheid 95 procent dient in te
brengen. Onduidelijk is waarom van de private sector geen hogere bijdrage mag
worden verwacht.
2 Brief Cft aan RMR met kenmerk Cft 20200034, d.d. 24 maart 2020.
Kenmerk
Cft 202000041
Blad
5/8
– Bij de maatregelen voor flexwerkers en ontslagen werknemers is nog onvoldoende
duidelijk wat de relatie is met de sociale zekerheid en het huidige sociale vangnet.
– Bij de maatregelen voor de weerbaarheid van de onderstandtrekkers en het
voorstel voor een voucher van ANG 450/maand is onvoldoende wat de relatie is met
huidige crisis.
– De post van ANG 30 miljoen “Overige sociaal-maatschappelijke initiatieven” is
onvoldoende uitgewerkt.
– De posten van ANG 27 miljoen “Uitvoeringskosten en audit (10 procent)” en “extra
bijdragen SVB” zijn niet uitgewerkt. Daarbij wijst het Cft erop dat het geen inzicht
heeft in de liquiditeitsstromen bij de SVB.
– Ook heeft het Cft vraagtekens bij het vermelden van een begrotingskamer, bureau
integriteit en een nationaal planbureau. Deze onderwerpen zijn in de ogen van het
Cft niet gerelateerd aan het bestrijden van de huidige crisis.
Met het uitgangspunt van liquiditeitssteun in de vorm van leningen is een beperking van
de financiering van het steunpakket via leningen noodzakelijk voor de houdbaarheid
van de schuldpositie van Curaçao. Juist om die reden heet het Cft in zijn eerdere advies
aan de RMR aangegeven dat bezien moet worden wat de landen, binnen de beperkingen
van hun begrotingen, nog verder zelf kunnen genereren aan dekking voor noodzakelijk
geachte noodmaatregelen. Gezien de staat van de overheidsfinanciën verdient het
tevens aanbeveling om bepaalde noodmaatregelen te versoberen. Het Cft adviseert
vanwege het eminente economisch belang om wel een regeling voor baanbehoud voor
werknemers en zelfstandigen door middel van leningen via Nederland te financieren.
Daarmee wordt voorkomen dat deze personen werkloos worden of geen inkomen
hebben en het draagvlak voor collectieve voorzieningen nog verder zal eroderen.
Liquiditeitsbehoefte
Van het land is een liquiditeitsprognose ontvangen. In deze prognose zijn zowel de
inkomstenderving als de hogere uitgaven op basis van het pakket van sociale
maatregelen verwerkt en een samenvatting (in afgeronde bedragen) hiervan vindt u in
tabel 3.
Het Cft wijst erop dat de achterstallige betalingen aan APC deel uitmaken van de
aanwijzing en stelt voor deze mee te nemen in het kader van rapportage daarover. Het
Cft heeft nog onvoldoende inzichten in de liquiditeiten van de SVB en stelt daarom voor
geen liquiditeitssteun te verstrekken voor achterstallige betalingen aan de SVB. Bij een
volgende tranche kan met een nader inzicht in de bijgestelde prognose van de SVB ook
liquiditeitssteun voor de achterstallige betalingen in de sociale zekerheid worden
overwogen.
Zonder het steunpakket resulteert derhalve in april een liquiditeitsbehoefte voor
verlaagde opbrengsten van afgerond ANG 63 miljoen. Het Cft adviseert om
liquiditeitssteun verder te laten bestaan uit compensatie voor de financiering van de
noodzakelijke maatregel ten behoeve van baanbehoud voor een maandelijks bedrag van
ANG 42 miljoen (zowel voor werknemers als zelfstandigen).
Kenmerk
Cft 202000041
Blad
6/8
Het land wordt gevraagd om voor 15 april a.s. met een voorstel te komen hoe het tot
een evenwichtige verdeling komt tussen werknemers en zelfstandigen.
Ontwikkeling liquide middelen volgens CUR APR MEI
Beginstand 65 -253
Inkomsten 88 85
Belastingen & premies 91 88
Andere inkomsten 8 8
Fiscale maatregelen
steunpakket -11 -11
Uitgaven 406 313
Personeelslasten1 56 41
Goederen & diensten 40 40
Subsidies en overdrachten 26 22
Sociale zekerheid2 143 94
Rente & aflossingen 26 2
Steunpakket 115 115
Saldo -318 -229
Financieringsbehoefte volgens land -253 -482
Tabel 3 Ontwikkeling liquide middelen
1
Inclusief achterstallige betaling in maart aan APC
2 Inclusief achterstallige betaling van februari en maart aan SVB.
Voor de andere voorgenomen maatregelen uit het steunpakket adviseert het Cft geen
liquiditeitssteun te verstrekken. Het land kan ervoor kiezen om de andere maatregelen
uit het steunpakket te versoberen en te financieren uit de reguliere begroting. Extra
financiële ruimte kan hiervoor worden gecreëerd door bestaande uitgaven en inkomsten
aan te passen aan de huidige situatie en aanvullende maatregelen te treffen
(bijvoorbeeld op personeelskosten, uitgaven aan goederen en diensten en subsidies en
overdrachten). Voor Curaçao heeft het Cft eerder aangegeven dat de vastgestelde
begroting voor 2020 onvoldoende invulling geeft aan de normen van de Rft en was
reeds een begrotingswijziging (BW) in voorbereiding met ombuigingen. Het Cft
verwacht dan ook dat deze ombuigingen onderdeel zullen zijn van de
begrotingswijziging die voor 1 mei aanstaande dient te zijn vastgesteld en stelt zich op
het standpunt dat deze kunnen dienen ter financiering van de andere onderdelen uit het
steunpakket.
Het Cft adviseert om, ter voorkoming van een liquiditeitsprobleem aan het begin van de
maand mei, uit te gaan van anderhalve maand aan liquiditeiten in plaats van een
maand en dit in de vorm van een voorschot te verstrekken. Voor de halve maand mei is
er een liquiditeitsbehoefte voor verlaagde opbrengsten van afgerond ANG 51 miljoen.
Dit betekent dat het Cft voorstelt om nu liquiditeitssteun te accorderen voor de omvang
van ANG 177 miljoen. In tabel 4 vindt u de cijfermatige uitwerking hiervan.
Kenmerk
Cft 202000041
Blad
7/8
Voorstel Cft liquiditeitssteun APR MEI Liquiditeitssteun
Inkomsten
Terugloop
Ontvangsten 63 51 114
Uitgaven
Steunpakket 42 42/2=21 63
Liquiditeitssteun 105 72 177
Tabel 4 Voorstel Cft liquiditeitssteun
Bij een besluit tot liquiditeitssteun geeft het Cft in overweging om voor de huidige en
volgende tranches de vorm te kiezen van een tweejarige bulletlening met eenzelfde
datum van aflossing en de intentie deze lening bij herfinanciering om te zetten in een
sinking bond. Zo wordt de mogelijkheid gecreëerd om over twee jaar, wanneer de crisis
hopelijk het hoofd geboden is, de totaal gegeven liquiditeitssteun te herfinancieren
waarbij op dat moment de passende aflossingstermijnen en overige voorwaarden
kunnen worden bepaald. Voorts dient er een efficiënt beheer van de ter beschikking te
stellen liquiditeiten te komen met specifieke aandacht voor doelmatigheid en het
voorkomen van bureaucratie. Het ministerie van Financiën van Curaçao zou hierbij een
leidende rol moeten hebben.
Advies
Samengevat adviseert het Cft u om voor Curaçao:
a. Over te gaan tot liquiditeitssteun voor de gevolgen van Covid-19 voor de
inkomstenderving en de maatregelen ten behoeve van baanbehoud. Daarvoor een
bedrag van ANG 105 miljoen voor de maand april en een halve maand aan
liquiditeiten voor de maand mei van ANG 72 miljoen beschikbaar te stellen. Dit
betreft dus een totaal aan liquiditeitssteun van ANG 177 miljoen.
b. In overweging te nemen deze liquiditeitssteun te verlenen in de vorm van een
tweejarige bulletlening.
c. Met betrekking tot het dan nog niet ingevulde pakket aan steunmaatregelen
Curaçao te vragen keuzes te maken in de bestaande begroting om daarvoor
financiële ruimte te creëren. Deze dienen zijn beslag te krijgen in een
begrotingswijziging die voor 1 mei voor advies aan het Cft wordt voorgelegd.
d. Het Cft zal met het land Curaçao nadere afspraken maken over een efficiënt beheer
van de ter beschikking te stellen liquiditeiten met specifieke aandacht voor
doelmatigheid en het voorkomen van bureaucratie.
Vervolg
De RMR heeft besloten dat de landen maandelijks moeten rapporteren uiterlijk vier
weken naar het einde van de maand. Het Cft zendt de landen hiervoor op korte termijn
een format. De eerste rapportage dient plaats te vinden over de maand maart 2020.
Het Cft zal overigens de landen verzoeken om daar een versnelling in aan te brengen en
ook inzichten te geven in de liquiditeitsstromen voor de sociale fondsen. Dit is een
voorwaarde om een volgend verzoek tot liquiditeitssteun in behandeling te kunnen
nemen.
Kenmerk
Cft 202000041
Blad
8/8
Op basis van deze maandelijkse rapportage volgt het Cft de realisatie van het land en
de ontwikkeling van de liquiditeitspositie. Het Cft stelt voor om aan het begin van mei
op basis van de dan beschikbare inzichten een volgend advies aan de RMR uit te
brengen met een actualisatie van de situatie en een beeld van de benodigde
liquiditeitssteun tot het einde van juni 2020.
Hoogachtend,
De voorzitter van het College financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten
Prof. dr. R.H.J.M. Gradus

 

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

Contact us



Connecting...
created by TelegramWordpress.com
error: Content is protected !!
%d bloggers like this: