𝐏𝐮𝐞𝐛𝐥𝐨 𝐝𝐢 𝐊𝐫ò𝐬𝐨𝐮 𝐏𝐚𝐛𝐢𝐞𝐧! 𝐄 𝐥𝐞𝐢 𝐝𝐢 𝐁𝐢𝐨𝐧 𝐭𝐚 𝐩𝐮𝐛𝐥𝐢𝐤𝐚́!
𝐏𝐮𝐞𝐛𝐥𝐨 𝐝𝐢 𝐊ò𝐫𝐬𝐨𝐮 𝐏𝐚𝐛𝐢𝐞𝐧! 𝐄 𝐥𝐞𝐢 𝐝𝐢 𝐁𝐢𝐨𝐧 𝐭𝐚 𝐩𝐮𝐛𝐥𝐢𝐤𝐚́!
Landsverordening bevordering arbeidsparticipatie jongeren en jong volwassenen
| Publicatienummer: | P.B. 2025, no. 95 |
| Categorie: | Landsverordening |
| Ministerie: | FinanciënSociale Ontwikkeling, Arbeid & Welzijn |
| Datum ondertekening: | 08-07-2025 |
| Datum inwerktreding: | 09-07-2025 |
| Geregistreerd in: |
Klapper Publicatieblad ( HOOFDSTUK XI Arbeid)
|
LANDSVERORDENING van de 8ste juli 2025 houdende regels inzake de vrijstelling van loonbelasting en sociale lasten op het loon van jongeren en jong volwassenen en tot wijziging van de Landsverordening op de Loonbelasting, de Landsverordening op de Inkomstenbelasting en de Landsverordening op de Winstbelasting
| Datum inwerkingtreding | Terugwerkende kracht tot en met | Datum ingetrokken | Betreft | Vindplaats | Zittingsjaar |
| 09-07-2025 | n.v.t. | n.v.t. | uitvoering artikel 13 van de Landsverordening bevordering arbeidsparticipatie jongeren en jong volwassen | P.B. 2025, no. 96 | n.v.t. |
| 09-07-2025
m.u.v. art. 6, onderdeel A en art. 7, onderdeel A die in werking treden op 01-08-2025 |
01-07-2025 | n.v.t. | nieuwe regeling | P.B. 2025, no. 95 | 2020-2021-184 |
Hoofdstuk I
Algemene bepalingen
Artikel 1
Voor de toepassing van het bepaalde bij of krachtens deze landsverordening wordt verstaan onder:
Werkgever: de inhoudingsplichtige, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel a tot en met c alsmede f, g en i van de Landsverordening op de Loonbelasting 1976;
Werknemer: een ingezetene van Curaçao die de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, maar nog niet de leeftijd van 30 jaar;
Premies: de totale premies, bedoeld in de Landsverordening Algemene Ouderdomsverzekering, Landsverordening Algemene Weduwen- en Wezenverzekering, Landsverordening algemene verzekering bijzondere ziektekosten, Landsverordening basisverzekering ziektekosten, Landsverordening Ongevallenverzekering, Landsverordening Ziekteverzekering en Cessantia-landsverordening;
Inspecteur: de inspecteur, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel c van de Algemene landsverordening Landsbelastingen.
Hoofdstuk II
Vrijstellingen
Artikel 2
- Onder te stellen voorwaarden en aanwijzingen kan de heffing en afdracht van loonbelasting en sociale lasten over het loon van een werknemer achterwege blijven.
- De werkgever die een arbeidsoverenkomst aangaat en een verzoek voor vrijstelling, als bedoeld in het derde lid aanvraagt, is vrijgesteld ter zake verschuldigde sociale lasten.
- De werkgever verzoekt de Inspecteur om toepassing van de vrijstelling. De Inspecteur beslist bij voor bezwaar vatbare beschikking op het verzoek, binnen een termijn van twee weken na ontvangst van het verzoek dat voldoet aan het bepaalde in het vijfde lid. Indien de Inspecteur binnen de gestelde termijn geen beschikking heeft afgegeven, wordt het verzoek geacht onder voorwaarden, te zijn toegewezen.
- De Inspecteur kan aan de beschikking van rechtswege alsnog voorschriften verbinden of de beschikking intrekken voor zover dit nodig is om ernstige gevolgen voor het algemeen belang te voorkomen.
- Het verzoek, bedoeld in het derde lid, wordt door de werkgever binnen drie maanden na aanvang van de tewerkstelling van de werknemer bij de Inspecteur ingediend. Het verzoek bevat de volgende gegevens:
a. de CRIB-nummer van de werkgever en werknemer ;
b. het curriculum vitae van de werknemer;
c. het afschrift van de arbeidsovereenkomst met inbegrip van een externe opleidingsplan;
d. het uittreksel uit de basisadministratie persoonsgegevens van Curaçao ;
e. indien van toepassing de afschriften van de geldige werk- en verblijfsvergunning. - Het bepaalde in het eerste en tweede lid vindt slechts toepassing, indien:
a. door de werkgever een regelmatige boekhouding wordt gevoerd, met geregelde jaarlijkse afsluitingen;
b. aan de werkgever gedurende de laatste twee jaren voorafgaande aan de indiening van het verzoek bedoeld in het tweede lid geen vergrijpboete is opgelegd als bedoeld in Hoofdstuk III van de Agemene Landsverordening Landsbelastingen ten aanzien van de inkomstenbelasting, ingeval van een natuurlijk persoon dan wel de winstbelasting ingeval van een rechtspersoon, de omzetbelasting, de loonbelasting, dan wel geen administratieve sanctie als bedoeld in artikel 28a van de Algemene Landsverordening Landsbelastingen is opgelegd.
c. de werkgever een bijdrage levert aan de opleidingskosten van de werknemer ter ontwikkeling van de benodigde competenties om de functie naar behoren te kunnen uitoefenen;
d. de werkgever een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd of voor ten minste zes maanden met de werknemer sluit;
e. het belastbaar loon van de werknemer minder bedraagt dan het laagste bedrag van het belastbaar inkomen vermeld in artikel 24, eerste lid van de Landsverordening op de inkomstenbelasting.
f. aan de ondernemer gedurende de laatste twee jaren voorafgaande aan de indiening van het verzoek bedoeld in het tweede lid geen vergrijpboete is opgelegd als bedoeld in Hoofdstuk III van de Algemene Landsverordening Landsbelastingen ten aanzien van de inkomstenbelasting, ingeval van een natuurlijk persoon dan wel de winstbelasting ingeval van een rechtspersoon, de omzetbelasting, de loonbelasting, dan wel geen administratieve sanctie als bedoeld in artikel 28a van de Algemene Landsverordening Landsverordening Landsbelastingen is opgelegd. - De beschikking, die door de Inspecteur is afgegeven, als bedoeld in het derde lid, is voor een periode van ten hoogste twee jaar, te rekenen vanaf de eerste dag van de tewerkstelling geldig. Voor de beschikking die van rechtswege is ontstaan dient de Inspecteur binnen twee weken schriftelijk hiervan kennis te geven aan de werkgever. Indien de werkgever vóór het verstrijken van de periode, genoemd in de eerste volzin, aannemelijk maakt dat hij aan de verplichtingen en voorwaarden gesteld bij of krachtens deze landsverordening geheel heeft nageleefd, kan de termijn, genoemd in de eerste volzin, eenmalig worden verlengd met ten hoogste drie jaar.
- Bij landsbesluit, houdende algemene maatregelen kunnen ten aanzien van de in het eerste lid genoemde vrijstelling nadere voorwaarden worden gesteld.
Artikel 3
- De werkgever is gehouden binnen twee weken na beëindiging van de arbeidsovereenkomst met de desbetreffende werknemer of na verloop van overeengekomen termijn of het intreden van een ontbindende voorwaarde van de arbeidsovereenkomst, dit kenbaar te maken aan de Inspecteur.
- Artikel 2, eerste lid, wordt geacht nimmer van toepassing te zijn geweest ten aanzien van deze werknemer, indien binnen zes maanden na aanvang van de tewerkstelling anders dan door de schuld van de werknemer of ten gevolge van een aan hem toe te rekenen omstandigheid de arbeidsovereenkomst wordt beëindigd.
Hoofdstuk III
Formele verplichtingen, sancties en toezicht
Artikel 4
- Deze landsverordening laat onverlet de formele verplichtingen en sancties ingevolge de Landsverordening op de Loonbelasting, de Landsverordening Algemene Ouderdoms-verzekering, de Landsverordening Algemene Weduwen- en Wezenverzekering, de Landsveror-dening algemene verzekering bijzondere ziektekosten, de Landsverordening basisverzekering ziektekosten, de Landsverordening Ongevallenverzekering, de Landsverordening Ziekteverzekering en de Cessantia-landsverordening P.B. 2022, nr. 65, met betrekking tot het inhouden en de afdracht van de loonbelasting en premies, en de formele verplichtingen en sancties, bedoeld in de Algemene landsverordening Landsbelastingen, voor zover in deze landsverordening niet daarvan wordt afgeweken.
- De Minister van Financiën houdt toezicht op de naleving van deze landsverordening.
Artikel 5
- Een maximale boete van NAf. 5000,– wordt opgelegd aan degene die:
a. de verplichtingen of voorwaarden gesteld bij of krachtens deze landsverordening geheel of gedeeltelijk niet naleeft;
b. opzettelijk onjuiste informatie verschaft met betrekking tot voor deze landsverordening relevante zaken;
c. nalaat inlichtingen te verschaffen die voor de uitvoering van deze landsverordening noodzakelijk zijn. - Indien één of meer van de feiten, genoemd in het eerste lid, zich met opzet voordoet wordt artikel 2, eerste lid geacht nimmer van toepassing te zijn geweest ten aanzien van de desbetreffende werknemer.
Hoofdstuk IV
Wijziging en intrekking van andere wettelijke regelingen
Artikel 6
De Landsverordening op de Loonbelasting wordt als volgt gewijzigd:
A. Artikel 6D, vierde lid vervalt.
B. Artikel 6F wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt na onderdeel ”u“ de punt vervangen door een puntkomma en er wordt een nieuw onderdeel ingevoegd, luidende:
v. overwerkloon, in de zin van de Arbeidsregeling, tot ten hoogste 10 uren per week, mits het bruto jaarinkomen van de werknemer niet hoger is dan de inkomensgrens vermeld in artikel 3 van de Arbeidsregeling . De eerste volzin is van toepassing voor zover de Inspecteur bij voor bezwaar vatbare beschikking het verzoek daartoe heeft goedgekeurd.
2. Na het vierde lid worden een nieuw vijfde en zesde lid ingevoegd, luidende:
5. Het verzoek, bedoeld in het eerste lid, onderdeel v wordt door de inhoudingsplichtige binnen twee weken na aanvang van het kalenderjaar bij de Inspecteur ingediend. Het verzoek omvat het overwerkregister bedoeld in artikel 30 van de Arbeidsregeling en een schatting van de duur van het te verrichten overwerk per werknemer voor het lopend kalenderjaar.
6. De Inspecteur beslist op het verzoek, binnen een termijn van twee weken na ontvangst van het verzoek dat voldoet aan het bepaalde in het eerste lid, onderdeel v, van artikel 6. Indien de Inspecteur binnen de gestelde termijn geen beschikking heeft afgegeven, wordt het verzoek geacht te zijn toegewezen.
C. In artikel 8, vierde lid wordt na het woord ”overwerkloon“ ingevoegd: anders dan bedoeld in het eerste lid, onderdeel v, van artikel 6F.
Artikel 7
De Landsverordening op de inkomstenbelasting 1943 wordt als volgt gewijzigd:
A. In artikel 5, vierde lid wordt ”vier procent“ gewijzigd in: tien procent.
B. Artikel 8 onderdeel “l” komt als volgt te luiden:
l. het voordeel, verkregen uit de vrijstelling van de verschuldigde sociale lasten en de verplichting tot afdracht van loonbelasting, bedoeld in artikel 2 van de Landsverordening bevordering arbeidsparticipatie jongeren en jong volwassenen;
Artikel 8
De Landsverordening op de winstbelasting wordt als volgt gewijzigd:
Artikel 2, eerste lid, onderdeel d wordt als volgt gewijzigd:
d. het voordeel, verkregen uit de vrijstelling van de verschuldigde sociale lasten en de verplichting tot afdracht van loonbelasting, als bedoeld in artikel 2 van de Landsverordening bevordering arbeidsparticipatie jongeren en jong volwassenen;
Hoofdstuk V
Slot- en overgangsbepalingen
Artikel 9
- De Minister van Financiën kan in overeenstemming met de Minister van Sociale Ontwikkeling, Arbeid en Welzijn na overleg met de Inspecteur bij de toepassing van deze landsverordening voor bepaalde gevallen of groepen van gevallen tegemoet komen aan onbillijkheden van overwegende aard.
- Deze landsverordening wordt éénmaal per jaar geëvalueerd en verslag wordt uitgebracht aan de Staten.
Artikel 10
In afwijking van het bepaalde in artikel 6F, zesde lid van de Landsverordening op de Loonbelasting kan de inhoudingsplichtige binnen twee maanden na de inwerkingtreding van deze landsverordening een verzoek als bedoeld in artikel 6F, eerste lid, onderdeel v, van de Landverordening op de Loonbelasting indienen.
Artikel 11
De Landsverordening ter invoering van een regeling ter bevordering van de werkgelegenheid van werkzoekenden (Lei di Bion), wordt ingetrokken.
Artikel 12
Deze landsverordening wordt aangehaald als: Landsverordening bevordering arbeidsparticipatie jongeren en jong volwassenen.
Artikel 13
Deze landsverordening treedt in werking op een bij landsbesluit te bepalen tijdstip.
