Advies AG aan Hoge Raad: veroordelingen voor beschadigen gedenkplaats Winschoten in stand laten
Advies AG aan Hoge Raad: veroordelingen voor beschadigen gedenkplaats Winschoten in stand laten
De veroordelingen van twee verdachten voor het beschadigen van een gedenkplaats in Winschoten, die was ingericht om twee jonge kinderen te herdenken die op die plek kort daarvoor op tragische wijze om het leven waren gekomen, kunnen in stand blijven. Dat adviseert advocaat-generaal (AG) Van Wees de Hoge Raad in zijn conclusies van vandaag.
De zaak
Het hof stelde in de zaak het volgende vast. Op 26 mei 2025 werd in Winschoten een gedenkplaats beschadigd. Die gedenkplaats was ingericht om twee jonge kinderen te herdenken die op die plek kort daarvoor op tragische wijze om het leven waren gekomen. Volgens het hof waren de verdachten betrokken bij het beschadigen van de gedenkplaats. Zij hebben knuffels weggemaakt, door deze knuffels van de gedenkplaats te pakken en mee te nemen. De verdachten hebben dit gefilmd en dit filmpje verspreid.
Volgens het hof hebben de verdachten zich met hun handelen schuldig gemaakt aan beschadiging van een goed in de zin van artikel 350 van het Wetboek van Strafrecht (Sr). Het hof overwoog daarbij dat door veel mensen knuffels, bloemen en kaarsen zijn neergelegd om uitdrukking te geven aan hun gevoelens om het verlies van de twee kinderen. Dit gebeurde binnen een afgegrensde locatie, waardoor een geordend geheel is ontstaan dat op een organische manier een (tijdelijke) gedenkplaats heeft gevormd. Dit is volgens het hof ‘een goed’ dat kan worden ‘beschadigd’ door een van de neergelegde zaken weer weg te halen. Volgens het hof volgde hieruit ook dat de mensen de zaken hebben neergelegd ten behoeve van de nabestaanden en de mensen die de twee kinderen wilden herdenken. Het was dus niet hun bedoelding om het bezit van de zaken op te geven zodat andere personen zich deze zaken konden toe-eigenen.
Het hof legde beide verdachten een taakstraf op van 60 uur. De verdachten stelden cassatieberoep in bij de Hoge Raad.
Cassatieklachten
De advocaat van de verdachte vraagt de Hoge Raad de veroordelingen te vernietigen. In cassatie zijn verschillende klachten naar voren gebracht. Er is onder meer geklaagd over het oordeel van het hof dat de ‘herdenk- en/of gedenkplaats’ als goed in de zin van artikel 350 Sr moet worden aangemerkt. Verder is de verdediging het niet eens met het oordeel van het hof dat de herdenk- en/of gedenkplaats (bestaande uit onder meer knuffels, tekeningen en bloemen) en meerdere knuffels ‘geheel of ten dele aan de nabestaanden van de kinderen en/of personen die de kinderen willen herdenken, in elk geval aan een ander dan verdachte en zijn mededaders, toebehoorden’. Tot slot is geklaagd dat uit de bewijsvoering niet volgt dat de herdenk- en/of gedenkplaats is beschadigd.
Conclusie AG
De AG is van oordeel dat de cassatieklachten niet slagen. De strafbaarstelling van artikel 350 lid 1 Sr heeft als doel het ongestoorde gebruik en/of genot van een goed door degene aan wie dat goed (geheel of ten dele) toebehoort te beschermen. Daarbij heeft de wetgever een ruime bescherming voor ogen gehad door zowel aan ‘een goed’ als aan ‘toebehoren’ een eigen betekenis te geven in het strafrecht en deze niet afhankelijk te maken van de invulling van die begrippen in andere rechtsgebieden. In de rechtspraak zijn de grenzen ook vaak ruim getrokken. De AG is van oordeel dat het hof binnen deze grenzen is gebleven en dat de oordelen van het hof ook begrijpelijk zijn.
De AG adviseert de Hoge Raad dan ook de veroordelingen en de opgelegde taakstraffen in stand te laten.
Uitspraak Hoge Raad
De uitspraak van de Hoge Raad is (voorlopig) bepaald op 12 januari 2027.
Een conclusie bevat een onafhankelijke analyse van en oordeel over een zaak waarover de Hoge Raad moet beslissen. Daarbij gaat het om voorlichting en advisering van de Hoge Raad. In een conclusie wordt een zaak vaak uitvoeriger en vanuit een breder perspectief besproken dan in de uitspraak van de Hoge Raad. Daarmee dient de conclusie niet alleen de kwaliteit van de rechtspraak in de concrete zaak, maar ook de rechtseenheid en de rechtsontwikkeling. Een conclusie wordt meestal genomen door een van de advocaten-generaal in het parket, namens de procureur-generaal. De advocaten-generaal zijn zelf verantwoordelijk voor de inhoud van hun conclusies.
